BRISTOL
Zoals zovele vliegtuigfabrieken begon ook Bristol na de oorlog met de productie van personenwagens. In 1947 kon men de eerste Bristol voorstellen en al gauw werd het duidelijk dat de producten uit de stad Bristol voor een klantenkring bestemd waren die bereid was voor luxe en comfort te betalen. De ook in de racerij bekend geworden firma werd in 1960 aan de toenmalige directeur van Bristol George White en aan de coureur Tony Crook verkocht.
BRISTOL 400
De opvallende gelijkenis tussen de vooroorlogse BMW 327 en de nieuwe Bristol 400 was geen toeval, want voor de oorlog had de Engelse firma Frazer Nash de Duitse BMW 327 en 328 in licentie gefabriceerd. In 1945 kreeg de nieuwe firma van Frazer Nash de toestemming de BMW in een iets veranderde vorm als Bristol 400 te bouwen. De wagen had standaard een radio aan boord en dat wa bijna een halve eeuw geleden niet gewoon. De zeldzame cabrioletversie mag tegenwoordig de helft meer kosten.
Aantal cilinders: 6
Cilinderinhoud in cm3: 1971
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 81/4200 en 86/4500
Topsnelheid in km/uur: 140
Carrosserie/Chassis: aluminium/afzonderlijk chassis
Uitvoering: coach en cabriolet
Productiejaren: 1947-1951
Productie-aantallen: 700
BRISTOL 401, 402 & 403
ln 1949 kwam Bristol met een tweede model uit, de succesvolle Bristol 401. De carrosserie was nu bij Touring in Italië ontworpen en volgens het door hen gepatenteerde systeem gebouwd. Dit hield in dat aluminium plaat over een frame van dunnen stalen buisjes gemonteerd was, wat licht in gewicht en goedkoop was. Ook deze Bristol was als tweedeurs coupé bedoeld voor 4 tot 5 personen. De cabrioletuitvoering van deze Bristol, de 402, werd slechts 20 maal verkocht. De 403 is een 401 met een sterkere motor en een verbeterd remsysteem.
Aantal cilinders: 6
Cilinderinhoud in cm3: 1971
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 86/4500 en 107/5000
Topsnelheid in km/uur: 165
Carrosserie/Chassis: aluminium op buizenchassis
Uitvoering: coach en cabriolet
Productiejaren: 1949-1953 en 1953-1955
Productie-aantallen: 650, 20 en 281
BRISTOL 404 & 405 SALOON & CABRIOLET
De Bristol 404 herkende men aan zijn naar achteren geplaatste grille. De vierdeurs uitvoering van deze wagen was de Bristol 405 die een iets langere wielbasis had. Ook deze wagen was nog van de oude BMW 328-motor met een inhoud van bijna 2 liter voorzien. De 405 was er ook als tweedeurs cabriolet in een kleine oplage. De vermelde prijzen betreffen de 405 Saloon; de 404 kost ongeveer het dubbele bedrag.
Aantal cilinders: 6
Cilinderinhoud in cm3: 1971
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 107/5000
Topsnelheid in km/uur: 160
Carrosserie/Chassis: aluminium/afzonderlijk chassis
Uitvoering: sedan en cabriolet
Productiejaren: 1954-1955 en 1954-1957
Productie-aantallen: 52; 265 en 43
BRISTOL 406
In 1958 kreeg de Bristol een nieuwe carrosserie en noemde men de nieuwe wagen 406. Mechanisch was er niet veel veranderd, maar de zescilinder motor had nu een inhoud van 2,2 liter bij een gelijkblijvend vermogen. Vier schijfremmen zorgden voor een goede vertraging bij de 406, terwijl ook een overdrive tot de standaarduitrusting behoorde. De Bristol 406 werd ook als rolling chassis verkocht aan specialisten zoals Zagato (zeven stuks) en Beutler in Zwitserland. Inmiddels had men bij Bristol besloten op zoek te gaan naar een geschikte V8-motor.
Aantal cilinders: 6
Cilinderinhoud in cm3: 2216
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 107/4700
Topsnelheid in km/uur: 160
Carrosserie/Chassis: aluminium/afzonderlijk chassis
Uitvoering: coach
Productiejaren: 1958-1961
Productie-aantallen: 174
BRISTOL 407
Hoewel de Bristol 407 erg op zijn voorganger leek, waren de verschillen groot. De 2,2 liter zescilinder had nu plaats moeten maken voor een geweldige V8 van Chrysler, wat niet zonder veranderingen aan het chassis moge-lijk geweest was. Onder andere had men de voorwielvering moeten wijzigen en aange-zien ze nu met schroef- in plaats van met bladveren werkte, was ook de wegligging veel verbeterd. Het grootste deel van de 88 gebouwde 407's ging naar de VS. Alle wagens hadden standaard een Torqueflite drietraps automaat.
Aantal cilinders: V8
Cilinderinhoud in cm3: 5130
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 250/4400
Topsnelheid in km/uur: 200
Carrosserie/Chassis: aluminium/afzonderlijk chassis
Uitvoering: coach
Productie jaren: 1961-1963
Productie-aantallen: 88
BRISTOL 408 & 409
Ook de Bristol 408 was voor de klanten in Amerika bestemd. Dit model was technisch identiek aan de 407, maar had een nieuwe grille en dubbele koplampen. De 409 die in de herfst van 1965 uitkwam, onderscheidde zich van de 408 door een iets, tot 5211 cm3, opgeboorde motor en kleine technische verbeteringen zoals een nieuwe startmotor, betere stuurinrichting, Girling-remmen, een wisselstroomdynamo en een parkeerslot in transmissie.
Aantal cilinders: V8
Cilinderinhoud in cm3: 5130 en 5211
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 253/4400 en 254/4400
Topsnelheid in km/uur: 200 en 210
Carrosserie/Chassis: aluminium/afzonderlijk chassis
Uitvoering: coach
Productiejaren: 1964-1965 en 1966-1967
Productie-aantallen: 83 en 74
BRISTOL 410 & 411
Op de London Motor Show van 1968 stond de Bristol 410 die men herkennen kon aan de chroomlijsten die nu over de hele lengte van de wagen liepen. Men had zich speciaal op de veiligheid van de wagen geconcentreerd en o.a. een gescheiden remcircuit gemonteerd en het chassis verstevigd. Een jaar later, in 1969, verscheen de 411 die nu een Chrysler V8 motor met een inhoud van 6,3 liter welke in 1973, in de Bristol 411 S IV, door een 6556 cm' V8 vervangen werd. De S V had
Aantal cilinders: V8
Cilinderinhoud in cm3: 5211 en 6277
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 254/4400 en 340/5200
Topsnelheid in km/uur: 210 en 220
Carrosserie/Chassis: aluminium/afzonderlijk chassis
Uitvoering: coach
Productiejaren: 1967-1969 en 1969-1976
Productie-aantallen: 79 en 287
BRISTOL 412
De Bristol 412 was geen echte cabriolet maar meer een 'targa'-model waarvan een gedeelte van het dak bleef staan. Convertible saloon noemen de Engelsen dit type. De carrosserie was bij Zagato in Italië ontworpen en gemaakt, maar de rest van de auto was typisch Bristol. In 1978 kreeg de V8-motor een kleinere cilinderinhoud en ontstond de 412/S2. In 1982 is de Beaufighter ervan afgeleid.
Aantal cilinders: V8
Cilinderinhoud in cm3: 6556 en 5898
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 210/4400 en 172/4000
Topsnelheid in km/uur: 225 en 220
Carrosserie/Chassis: aluminium op platform chassis
Uitvoering: cabriolet
Productiejaren: 1975-1982
Productie-aantallen: n.b.
BRISTOL 603
Op 1 oktober 1976 werd de Bristol 603 geïntroduceerd als de opvolger van de 411. De auto had een aluminium carrosserie die wel van een Italiaanse tekentafel afkomstig had kunnen zijn. Bij zijn introductie kon de klant nog uit twee verschillende Chryslermotoren kiezen. Na 1977 bleef alleen de grote V8 nog ingebouwd. De automatische versnellingsbak was ook bij Chrysler ingekocht en van het type Torque-Flite. Alle vier wielen werden door Girling-schijfremmen afgeremd.
Aantal cilinders: V8
Cilinderinhoud in cm3: 5210 en 5898
Vermogen in pk bij toeren/minuut: 147/4000 en 172/4000
Topsnelheid in km/uur: 180 en 200
Carrosserie/Chassis: afzonderlijk chassis
Uitvoering: coupé
Productiejaren: 1976-1982
Productie-aantallen: n.b.






